A call from beyond the grave

Over hoe ik historicus werd. En hoe Toetankhamon daarvoor zorgde.

Neb Cheperoe Re. Heer van de Manifestaties van Re. Het was de troonnaam van de farao die we het beste kennen als Toetankhamon. De jonge, vroeg gestorven en nogal snel vergeten vorst uit de 18de Dynastie van het Oude Egypte (ca. 1333-1323 v.o.t.) werd waanzinnig populair toen archeoloog Howard Carter en mecenas Lord Carnarvon zijn ongeschonden graf vonden in 1922. Men dacht toen dat alle faraograven ofwel gevonden ofwel geplunderd waren. De vondst van de verzegelde tombe van Koning Toet was dus wereldnieuws. En door de ongekende rijkdom van de grafschatten van de jonge vorst, kon men alleen watertanden bij welke gigantische vonden men had kunnen doen bij de écht belangrijke farao’s.

Toetankhamon had slechts beperkte impact tijdens zijn leven. Hij herstelde onder dwang de oude godsdienst nadat zijn vader Achnaton, ook wel bekend als de Grote Ketter en eigenlijk de eerste stichter van een monotheïstische godsdienst, het land compleet op de rand van de afgrond had gebracht. Achnatons ideeën waren niet slecht, maar zijn tabula rasa zorgde voor grote paniek en totale ontreddering bij alle lagen van de bevolking, waardoor hij allesbehalve populair werd. De 9-jarige Toetankhamon werd dus na zijn troonbestijging nogal kordaat verplicht om alles terug naar het oude te herstellen. Toch had die jonge knaap het lef om zijn verketterde en uit de geschiedenis gewiste vader te laten herbegraven in de grote Vallei Der Koningen. Weliswaar in een naamloos graf zonder pracht en praal, maar Achnaton ligt toch maar mooi tussen de andere grote vorsten van het Oude Egypte.

Ondanks alles toch een felle jongen dus, die Toetankhamon. Weinig impact tijdens zijn korte regime, hij stierf al op 19-jarige leeftijd, maar wel een onwaarschijnlijke grote impact op mij. Want zonder hem was ik nooit historicus geworden.

Ik herinner me de eerste kennismaking tussen Koning Toet en mezelf nog levendig. Het was bij tante Veva, die zelf Oude Geschiedenis gestudeerd had. Toen ik als jonge snaak, ongeveer even oud als toen Toetankhamon farao werd, bladerde in een boek uit tantes bibliotheek veranderde mijn leven voorgoed. Het Boek, met goudkleurige omslag, droeg de titel Toetankhamon. Het Boek greep me zo bij de keel door het verhaal van de jonge farao die mijn leeftijd had en van onbekende (bij leven) naar de meest befaamde (bij dood) Oud-Egyptische vorst transformeerde dat ik toen wist dat geschiedenis altijd mijn ding zou zijn. Toen was het ook heel erg duidelijk: ik zou historicus worden. Koning Toet deed een oproep vanuit het graf. En ik. Ik antwoordde.

Uren en uren heb ik Het Boek doorbladerd. Onder de indruk van het korte leven van Toetankhamon, van de archeologische expeditie van Howard Carter en Lord Carnarvon én verwonderd over de kunde van de Egyptische juweelmakers waren bij het zien van het dodenmasker, de sarcofaag en alle vorstelijke parafernalia die in het graf gevonden werden. Tegelijk wegdromend over mijn eigen archeologische avonturen. Volledig verdwijnend ook in mijn eigen historische fantasiewereld.

Terug in de realiteit was de focus echter erg groot. Alles stond vanaf dan in het teken van één ding: ik zou kost wat kost geschiedenis studeren om meer van die machtige en prachtige verhalen te leren kennen. Ik dwaalde tussendoor wel eens af (ik wou even priester worden, een verhaal apart dit, of militair, eveneens een verhaal apart), maar de connectie tussen Koning Toet en mezelf was te groot. Ik kon mijn zielsverwant niet ontgoochelen. En dus ging ik, op een leeftijd waarop Toetankhamon in zijn eeuwige rustplaats werd gedragen, geschiedenis studeren.

Ik had er bijna tien jaar op gewacht, dus toen ik geschiedenis kon studeren aan den unief – met dank trouwens aan mijn fantastische vader Pol en moeder Ann – was dat een droom die uitkwam. Ik was verrukt en verwonderd door alle kennis over het roemrijke verleden die ik kon opdoen. Ik was verslingerd en verslaafd aan alle bronnen die aangereikt werden in de prachtige universiteitsbibliotheken en machtige archieven. Het was een tijd waarin de geschiedenis zich aan mij openbaarde en die de passie alleen maar meer deed oplaaien. Van het Oude Egypte over de Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd tot de Tweede Wereldoorlog, het boeit mij allemaal. Zeker als er een donkere, duistere, geschifte kant aan dat verleden zat: (religieuze) vervolgingen, epidemieën, kwaadaardige figuren, occultisme, roversbendes, het is te veel om allemaal op te sommen, maar ik word er intellectueel ontzettend wild van.

Door geschiedenis te studeren heb ik mijn passie gevolgd, los van enige toekomstzekerheid. Ik zou mijn weg wel vinden. Dat die HR-betweters mij na mijn studies op jobbeurzen uitlachten en mij sarcastisch veel succes wensten om degelijk werk te vinden kon me allerminst deren. Want ik was een historicus. Met dank aan Toetanchamon. En tante Veva.

Advertenties

Gepubliceerd door

Bert De Smet

Hippe historicus, fervent fietser, wilde wandelaar. En whiskyfan, metaladept, klimaatstrijder. Ook: directieteam @academiewaregem | mn mening, mr venyn in baard · http://about.me/bertdsmet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s