Come to the Sabbath!

Over het nemen van een sabbatjaar als vrijwilliger. 

Begin januari hakte ik een knoop door die ik eigenlijk al veel eerder had moeten doorhakken. Ik laste een sabbatjaar in. Niet zomaar een sabbatjaar, maar eentje als vrijwilliger. Het leek wel vloeken in de kerk, want nemen mensen niet net een professioneel sabbatjaar om zich toe te spitsen op hun hobby’s? En ik deed net het tegenovergestelde. Dat leek zo vreemd dat ik op een dag zelfs opgebeld werd door het radioprogramma ‘Hautekiet’ die het niet helemaal begrijp. Ik moest wel gek zijn. Of niet?

Het is nochtans simpel: ik nam een ‘vrijwilligerssabbatjaar’ omdat ik te jong ben om zonder werk te vallen, maar ook omdat ik mijn werk gewoon nog veel te graag doe. Ik nam het vooral omdat ik na tien jaar eindeloos veel vrijwilligerswerk het wel wat gehad had met al die vergaderingen, engagementen en afspraken in mijn steeds schaarser wordende vrije tijd. Sinds bijna 2,5 jaar heb ik een nieuwe werkomgeving en die is net iets veeleisender dan de brave collega’s van de personeelsdienst me bij het ondertekenen van mijn contract vertelden. Pas op, geen klagen over de inhoud, want mijn job boeit me mateloos en ik kan mijn inhoudelijke, communicatieve en creatieve ei helemaal kwijt in de directiefunctie in de kunstacademie waar ik werk. Maar ik heb nu eenmaal gewoon minder vrije tijd door het 6/7-werkritme in een academie. Het zorgde ervoor dat ik de laatste tijd steeds vaker de vergaderingen en afspraken als vrijwilliger miste. De frustraties bij zowel mezelf als bij mijn collega-bestuursleden werden steeds groter. Het onbegrip voor mijn situatie uiteindelijk ook, wat ik maar al te goed begreep. Een beslissing drong zich dus aan.

En toen, ik vergeet het nooit, op vrijdag 15 januari na een stevige staptocht tijdens een eerder warme winterochtend nam ik na tien jaar de meest drastische beslissing in mijn jonge vrijwilligersleven. Ik zette alle bestuursfuncties tijdelijk on hold. Ik nam een sabbatjaar als vrijwilliger. Het was eruit. Hoewel mijn afwezigheid al vaker moet opgemerkt zijn, leek het toch een donderslag bij heldere hemel voor sommige collega-bestuursleden. Diegene die reageerden tenminste, want het werd toen ook pijnlijk duidelijk op hoe weinig begrip je kan rekenen als je zo’n heftige beslissing neemt. Ik zeg het niet graag, maar mijn hart bloedt nog als ik terugdenk aan sommige reacties. Of aan het uitblijven van reacties. Het stilzwijgen van de mensen die je tot je naaste vrijwilligerskring rekende, dat snijdt door merg en been. Niet omdat je per se wil dat ze je smeken om toch te blijven – absoluut niet, ik zou het niet gedaan hebben ook -, maar wel omdat je toch op enig begrip hoopt als je na tien jaar tijdelijk niet in staat bent om te voldoen aan de veel te hoge vrijwilligersverwachtingen. Verwachtingen die ik – achterafgezien – misschien ook zelf wel zo gecreëerd had. Maar zoals zo vaak: begrip bestaat alleen als je doet wat men van je verlangt. O wee als je dat patroon doorbreekt en opkomt voor jezelf, zo blijkt. Ik blijf het frappant vinden dat de mooiste, meest begripvolle reactie kwam van een organisatie waar ik – door de afstand en het eerder beperkte contact – het minst nauwe contact mee heb. Of komt dat misschien omdat die mensen mij minder goed kennen en ik misschien helemaal geen recht had om een sabbatjaar te nemen?

Nu, het moest er een keer van komen. Was het niet in 2016, dan misschien wel in 2017. Het mag zelfs eigenlijk al verwonderen dat ik die beslissing nog niet eerder nam. Sinds ik 19 jaar was, nog een prille student geschiedenis toen, was ik bezig met vrijwilligerswerk in de cultuur- of erfgoedsector. Ik was (en ben) actief in de plaatselijke heemkring, de cultuurraad, de bibliotheekraad, de plaatselijke werkgroep toerisme én erfgoed, het Davidsfonds, het Demedtshuis, Heemkunde Vlaanderen, de Hondenzwemming, de André Demedtsprijs, enz. Op mijn ‘hoogtepunt’ was ik actief in 10 verenigingen op hetzelfde moment. Bijna te gek voor woorden, nu ik eraan terugdenk. Ik leek wel te veel energie te hebben. En misschien was dat ook wel zo. Maar zoals zo vaak komt na te veel energie ook te weinig energie. Het verenigingsleven was dus al flink ingeperkt, maar ik bleef nog altijd actief betrokken bij zo’n 7 verenigingen. Ik vond die inkrimping al een hele prestatie. Maar kon ik mezelf nog meer onzin wijsmaken?!

En toen kwam dus die 15de januari. Kort daarvoor kreeg ik te horen dat er enkele zwaar zieken in mijn team zaten. Het legt een ongelofelijk grote druk op een team als één waardevolle collega door zware ziekte uitvalt. Laat staan als het over verschillende nauwe collega’s gaat. Ik wist toen ik de beslissing voor een sabbatjaar te nam dat het geen gemakkelijk voorjaar zou worden, maar nooit had ik – laat staan de rest van het team – gedacht dat we in enkele maanden tijd vijf keer slecht nieuws zouden krijgen van verschillende collega’s: een trombose, drie keer dé ziekte, een overlijden. Het werd een hevig voorjaar, voor het hele team, maar ook voor mezelf omdat ik er altijd wilde staan. Ik wilde steeds contact blijven houden met mijn medewerkers die thuis zaten door ziekte. Maar ik wilde ook steeds opnieuw iedereen kunnen ondersteunen als de teamleden dreigden omver te vallen door het grote verdriet, de vervelende onzekerheid, de zware werkdruk. En dan was er gewoon geen plaats meer voor al dat extra vrijwilligerswerk waar ik ofwel weer eens alles moest trekken ofwel weer eens tegen mijn botten kreeg omdat ik niet deed wat ik volgens anderen had moeten doen. En ondanks de stevigheid van mijn handgemaakte Mexicaanse boots deed dat vaker wel dan geen pijn. Ik had die twee zaken, de hevigheid in de academie én mijn vrijwilligerswerk nooit kunnen combineren. Ik had nood aan stevig stappen en fervent fietsen in mijn schaarse vrije tijd. Ik moest uitwaaien. Ik moest mijn hoofd leegmaken in plaats van het ook thuis te vullen met to-dolijstjes van allerhande verenigingen. Vandaar de keuze voor een sabbatjaar en voor de queeste om op een jaar tijd 1.000 kilometer te stappen en 5.000 kilometer te fietsen. Het eerste lukt aardig, het tweede heeft dringend een inhaalbeweging nodig. Gelukkig is het nu vakantie. En heb ik vanmorgen al 30 kilometer in de fietsbenen. Daar ontstond trouwens ook het idee voor dit blogbericht. Ik wou het eerst niet neerpennen, maar ik vind dat ik het toch maar moet doen. Ik heb te lang te veel toegedekt met de mantel der vrijwilligersliefde.

We zijn ondertussen zes maanden later. En ik heb nog steeds geen spijt van mijn sabbatjaar. Ook al is er misschien maar weinig begrip voor in de verenigingen waar ik al die jaren actief voortrekker van was. Ook al lijkt het al te gek om professioneel een versnelling hoger te schakelen en privé een versnelling lager. Maar het doet me deugd om in de weinige tijd die ik vrij heb volop te genieten van mijn familie, mijn staptochten, mijn fietsritjes, mijn zware metalen, mijn whisky en mijn prachtige natuur dichtbij.

Ik moet toegeven, stiekem mis ik toch wel enkele verenigingen. En dat zijn dan nog diegene waarvan ik het eigenlijk helemaal niet verwacht had. Andere mis ik duidelijk niet. Ik weet dan ook dat de keuze op het einde van dit sabbatjaar snel gemaakt zal zijn. Al kan dat ook liggen aan het uitblijven van reacties op mijn sabbatjaar. Je kan immers niet duidelijker maken dat iemand niet welkom meer is.

666MERCYFULFATE_SABBATH

Op de speellijst: ‘Come to the Sabbath’ van de onnavolgbare meesterzanger King Diamond, toen nog ten tijde van de heavy metallegende Mercyful Fate. Het nummer staat op de quasi perfecte plaat ‘Don’t break the oath’ uit 1984. De onovertroffen koning heeft me lang genoeg tot de sabbat aangemaand. En sinds januari kon ik dus de lokroep van de sabbat niet meer weerstaan. Laat staan dat ik de dure eed aan mezelf kan breken. (Je kan het nummer hier beluisteren.)

Afbeelding bovenaan: detail uit ‘Heksensabbat’ van Francisco de Goya.

 

Advertisements

Gepubliceerd door

Bert De Smet

Hippe historicus, fervent fietser, wilde wandelaar. En whiskyfan, metaladept, klimaatstrijder. Ook: directieteam @academiewaregem | mn mening, mr venyn in baard · http://about.me/bertdsmet

4 gedachten over “Come to the Sabbath!”

  1. Welkom bij de club Bert. Velen denken dat ze tijd hebben weinigen hebben tijd en niemand bezit de tijd. Het zal steeds de invulling zijn die de rijkdom van de persoon zal aantonen.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s